2026-09-30T00:00:00+02:00
Laden Evenementen

Het bestuur van de Stichting Literaire Avonden organiseert samen met Ruïnekerk Bergen en de Eerste Bergensche Boekhandel een nieuwe sprankelende reeks literaire avonden. U kunt bij de boekhandel zolang de voorraad strekt een abonnement kopen voor vijf donderdagavonden:

15 oktober 2026 – Jaap Robben
over zijn kersverse roman De laatste namen van Łukasz, in gesprek met Roos van Rijswijk

26 november 2026 – Els Snick en Peter Theunynck
over hun nieuwste boeken, de Vlaamse ziel in oorlog en vrede

28 januari 2027 – Poëzie in vertaling: een avond vol wereldpoëzie met de drie dichtervertalers Radna Fabias, Han van der Vegt en (per video) Robbert-Jan Henkes

25 februari 2027 – Anke Scheeren en Richard Osinga
over fictie in tijden van tech en geopolitiek

18 maart 2027 – Vertelconcert met Jan Brokken en pianist Jeroen van Veen
een avond over Venetië

Aanvang: 20.00 uur
Plaats: Ruïnekerk, Bergen
Abonnement: € 68

Het aantal beschikbare plaatsen is beperkt. Mocht er toch ruimte zijn voor de verkoop van losse kaarten, dan kunnen deze voor €16 worden gereserveerd bij de boekhandel.


15 oktober 2026 – Jaap Robben in gesprek met Roos van Rijswijk over zijn nieuwe roman

Een nieuwe roman van Jaap Robben is op zichzelf al een gebeurtenis. In de Ruïnekerk spreekt hij met literatuurcriticus en romancier Roos van Rijswijk over De laatste namen van Łukasz. Dit boek, pas twee dagen voor deze avond verschenen, vormt de ontknoping van het verhaal dat hij ons in 2024 al vertelde, over de Poolse gastarbeider die hij ontmoette tijdens de verbouwing van zijn huis, net over de grens in Duitsland.

Jaap Robben schreef een eigentijds Europees epos over Łukasz, die net als veel Polen al jaren in Nederland en Duitsland werkt. Plots verdwijnt hij in het niets. Een roman als een detective, maar dan zonder moord, zonder dader, waarin taal en afkomst bepalen wie gezien wordt en wie onzichtbaar blijft. Welke sporen laat een mens achter en waar vinden we elkaar terug? Met dit boek krijgt de onzichtbare laag van arbeidsmigranten die onze samenleving draaiende houdt, in alle Babylonische veeltaligheid, eindelijk een gezicht en een stem.

Jaap Robben (1984) schrijft poëzie, romans, artikelen en jeugdboeken. Zijn werk verschijnt in vijftien talen en werd veelvuldig bekroond. Hij veroverde met zijn romandebuut Birk (2014) boekhandel, lezer en recensent.

Roos van Rijswijk (1985) is schrijver en literatuurcriticus. Ze debuteerde in 2016 met de roman Onheilig, waarvoor ze de Anton Wachterprijs ontving. Naast romans en de geprezen verhalenbundel De dwaler, onder meer genomineerd voor de BNG Literatuurprijs, schrijft ze essays, is ze redacteur van Tirade en mede-initiator van de J.M.A. Biesheuvelprijs.


26 november 2026 – Els Snick en Peter Theunynck, over de Vlaamse ziel in oorlog en vrede

Twee auteurs beschrijven in hun nieuwste werk hun persoonlijke zoektocht naar de keuzes van familieleden tijdens de Tweede  Wereldoorlog in West-Vlaanderen.

Na de dood van zijn vader vindt Peter Theunynck (1960) een verzetskrant waarin zijn grootvader Adhemar wordt beticht van collaboratie. Hij besluit zijn leven te reconstrueren. In De garde van Esen laat Theunynck zien hoe deze onopvallende, gezagsgetrouwe en vlaamsgezinde man keuzes maakte op grond van zijn ervaringen, maar zich ook liet opjutten. Als ordehandhaver heeft hij de Duitse bezetter geholpen. Maar in die complexe periode is het niet altijd duidelijk wat voor een ‘kleine garnaal’, zoals historicus De Wever hem noemt, goed of fout is.

In De feestzaal van mijn ouders. Een Vlaamse familiegeschiedenis schrijft Els Snick (1966) over feestzaal De Visscherie in Oostrozebeke die haar ouders uitbaatten. Vóór de sloop van het gebouw zet Snick nog één keer de poorten open voor buurtbewoners. Dan komen er pijnlijke verhalen naar boven, vooral over priester-dichter Cyriel Verschaeve, ooit boegbeeld van de Vlaamse beweging, die in 1946 wegens collaboratie ter dood werd veroordeeld. Snick ontdekt dat de vroegere eigenaars van De Visscherie, de welgestelde familie Lootens, een cruciale rol hebben gespeeld in de verering van Verschaeve. Gaandeweg wordt duidelijk hoe een goedbedoelende katholieke familie zich liet meeslepen door zijn malafide ideeën, maar herziet Snick ook haar eigen vlaamsgezinde opvoeding.

Herinnert u zich nog de prachtige verteltoon van Peter Theunynck? De uitbundigheid van Els Snick? Ze betoverden ons eerder, hij met het verhaal over Rik Wouters, zij over Joseph Roth, als vertaler van zijn werk en voorzitter van zijn genootschap.


28 januari 2027 – Radna Fabias, Han van der Vegt en Robbert-Jan Henkes (video)

Op de avond van Gedichtendag delen drie vertalers en dichters hun dierbaarste gedichten uit de wereldliteratuur. Ze dragen voor uit hun eigen werk en gaan met elkaar in gesprek over hoe je dat ene ongrijpbare wat een gedicht geweldig maakt vertaalt.

Het poëziedebuut van Radna Fabias (1983), Habitus, werd in 2018 bekroond met alle grote poëzieprijzen die er te verdienen zijn, de C. Buddingh-prijs, De Grote Poëzieprijs en de Herman de Coninckprijs. In 2024 verscheen van haar de korte, indringende roman Obstructies. Haar werk verscheen in vele talen. Zelf vertaalde ze de gedichten van Louise Glück en Warsan Shire.

Han van der Vegt (1961) vertaalde het werk van onder meer Derek Walcott, W. H. Auden en Seamus Heaney. Bouwdoos (2024), zijn bundel met dwarse gedichten, prijkte op de shortlist van de Grote Poëzieprijs. Een recensent van Tzum schreef dat Van der Vegt met enkele woorden een grote beklemming kan oproepen, die vervolgens direct weer verdreven wordt door het leesplezier dat ontstaat bij zijn knappe formuleringen.

Robbert-Jan Henkes (1962) maakte, vaak samen met Erik Bindervoet, vertalingen van Shakespeare, Bob Dylan, The Beatles en David Foster Wallace. In zijn essaybundel Vertalen wat er niet staat pleit hij voor hypercreatieve, moedige vertalingen. Zelf bracht hij dit in de praktijk door ‘onvertaalbare’ werken te vertalen, waaronder Ulixes van James Joyce. Zijn bundel Nachttrottoir (2025) bevat 77 variaties op een beroemd gedicht van Aleksandr Blok. Speciaal voor deze avond laat hij, via een videoverbinding met zijn werkkamer in Frankrijk, Herman Gorter, De Schoolmeester en Menno Wigman aan het woord.


25 februari 2027 – Anke Scheeren en Richard Osinga, fictie in tijden van tech en geopolitiek

Terwijl Silicon Valley ervan droomt de meest gewaagde sciencefiction te realiseren, nam in de afgelopen jaren de populariteit van klassieke romans als George Orwells 1984 en The Handmaid’s Tale van Margaret Atwood een vlucht. Deze avond laten we de fictie weer fictie zijn.

Anke Scheeren (1982) is schrijver en onderzoeker. Met haar korte verhalen ontving ze een schrijversbeurs van literair tijdschrift Hollands Maandblad. In 2009 verscheen de roman De mooiste dagen zijn het ergst, genomineerd voor de Opzij Literatuurprijs en de Selexyz Debuutprijs. Zestien jaar na dit debuut verscheen haar tweede roman Blauw of de kleur van blijdschap. Hierin wordt de ambitieloze Egbert Klein door zijn baas op een missie gestuurd naar Mongolië. Hij moet de inwoners van het uitgestrekte land overtuigen van de ongekende duurzame mogelijkheden die de wind en de leegte bieden. Een lovende pers, van de Volkskrant die haar ‘een groot talent’ noemde tot De Telegraaf, die haar ‘monter pessimisme’ roemde.

Richard Osinga (1971) is schrijver, ondernemer en voormalig diplomaat. In zijn romans zoekt hij, altijd tegen een internationaal decor, naar wat mensen met elkaar verbindt. Wie de Rechtvaardigen zoekt (2019), over de Joodse mythe van de 36 rechtvaardigen, haalde de longlist voor de Boekenbon Literatuurprijs. De roman Munt (2023) eindigde op de shortlist. In Bunker (2026) draait het om een door een rijke techondernemer opgezet experiment met een groep mensen in een zelfvoorzienende gemeenschap in Kazachstan. Kunnen zij de klimaatcrisis overleven? ‘Met zijn nieuwe roman bevestigt Osinga dat hij wellicht de interessantste Nederlandse romancier is van wie u nog nooit hebt gehoord,’ aldus Humo.


18 maart 2027 – Vertelconcert met Jan Brokken en pianist Jeroen van Veen

Jan Brokken komt al zijn hele leven in Venetië. Net als andere kunstenaars vindt hij er telkens weer inspiratie. Onder hen bevond zich een opvallend aantal Russen, zoals de legendarische balletvernieuwer Sergej Diaghilev, de revolutionaire componist Igor Stravinsky en de cultdichter Joseph Brodsky. Wat maakt Venetië tot de kunstenaarsstad bij uitstek? De laatste gondel is Brokkens portret van de stad, waarin bekende thema’s uit zijn oeuvre – muziek, schoonheid, scheppingsdrift, reizen, weemoed – zich opnieuw op een unieke manier samenballen.

In zijn kenmerkende vertelstijl neemt Brokken ons mee langs de geschiedenis, cultuur en melancholie van Venetië. Jeroen van Veen, meester van de minimal music, omlijst Brokkens woorden met een muzikaal programma, o.a. met werken van Franz Liszt (La lugubre gondola) en Igor Stravinsky. Muziek en literatuur vloeien naadloos in elkaar over.

Velen van u zullen de pianist en componist Jeroen van Veen (1969) kennen van zijn optredens in Bergen, waar hij meerdere malen het oeuvre van Simeon ten Holt ten gehore bracht. Na zijn studie aan het Conservatorium in Utrecht speelt hij over de hele wereld als solist en als onderdeel van meerdere ensembles.

Ook Jan Brokken (1949) heeft zijn sporen in Bergen nagelaten. Onvergetelijke waren de avonden over zijn, onlangs verfilmde, Het huis van de dichter, over zijn boek Baltische Zielen en De ontdekking van Holland. In 2025 verscheen De weemoed van de reiziger, veertien verhalen over kunstenaars en de reizen die ze maken. Het is een boek vol weemoed, levenslust, grote liefdes, gebroken harten en de wijsheid die met de jaren komt.

Ga naar de bovenkant